Wat is strabisme of scheelzien?

Scheelzien is een afwijking van de stand van de ogen, waarbij de ogen niet meer op het zelfde punt gericht zijn.

  • Bij de meeste voorkomende vorm van scheelzien draait er één oog (soms allebei) naar de neus toe (=convergent strabisme);
  • maar het oog kan ook naar buiten draaien (=divergent strabisme).
  • Ook het naar boven of naar beneden draaien van de ogen komt voor.

 

Wat zijn de oorzaken van strabisme?

Meestal ontstaat scheelzien op de kinderleeftijd, maar het kan ook bij volwassenen optreden (bv. Bij schildklieraandoeningen, na trauma, enz…).

Scheelzien is niet alleen een esthetische probleem. Bij kinderen kan door scheelzien een lui oog (amblyopia) ontstaan.

Ontstaat scheelzien al op jonge leeftijd, dat gaat het kind zelden dubbelzien, maar het beeld van het wegdraaiend oog uitschakelen. Dit oog gaat zich dan niet zo goed ontwikkelen; het zicht gaat achteruit en het wordt een lui oog.

Een lui oog ziet dus slecht en is alleen bij kinderen (tot +/- 7 jaar) met succes te behandelen, door het goede oog te plakken en/of een bril voor te schrijven.

Verschillende factoren kunnen een rol spelen bij het ontstaan van scheelzien, bv. erfelijke aanleg, hypermetropie, enz…

 

Hoe wordt strabisme of scheelzien behandeld?

Bij de aanpak van een strabisme problematiek wordt eerst het luie oog behandeld. Pas in een later stadium wordt er indien nodig een scheelzien operatie voorgesteld.

Bij een deel van de scheelziende kinderen moeten vroeg of laat de ogen worden rechtgezet.

Dit gebeurt door de oogspieren, verantwoordelijk voor de oogbeweging, te verzwakken of te versterken. Meestal worden beide ogen geopereerd. Deze ingreep gebeurt onder lokale narcose in het daghospitaal.

In +/- 80% van de gevallen volstaat één operatie, maar soms kan een tweede operatie noodzakelijk zijn.